Overschrijding van de spilindex - welke cijfers veranderen voor de sociale uitkeringen vanaf 1 maart 2022?

Terug naar het overzicht
Datum: 04/15/2022
Auteur(s): Aanje Kints

De spilindex werd overschreden in februari 2022. In een eerdere bijdrage sneden we de evoluties op het vlak van de lonen aan. In dit artikel gaan we dieper in op de sociale uitkeringen, die stijgen met 2% in de maand volgend op de overschrijding van de spilindex.

 

1. Inleiding

De spilindex werd overschreden in de maand februari 2022.  

Deze overschrijding heeft een impact enerzijds op de sociale uitkeringen en anderzijds op de lonen en wedden van het overheidspersoneel. In een eerdere bijdrage sneden we de evoluties op het vlak van de lonen en wedden aan. In dit artikel gaan we dieper in op de sociale uitkeringen.

De sociale uitkeringen stijgen met 2% in de maand volgend op de overschrijding van de spilindex.

 

2. Nieuwe index

De vorige overschrijding van de spilindex had plaats in december 2021, In februari 2022 werd de spilindex opnieuw overschreden. Hierdoor worden de sociale uitkeringen met 2 % verhoogd op 1 maart 2022 en de lonen van de ambtenaren worden met 2 % geïndexeerd op 1 april 2022. 

 

3. Verhogingen sociale uitkeringen vanaf 1 maart 2022

Hieronder een overzicht van de belangrijkste wijzigingen van de sociale uitkeringen. Deze wijzigingen worden reeds toegepast vanaf 1 maart 2022.

 

3.1. Bedragen van het leefloon

Vanaf 1 maart 2022 worden de bedragen van het leefloon respectievelijk vastgesteld op:

Categorieën                                        Leefloon per maand

Categorie 1: samenwonenden             729,20 euro

Categorie 2: alleenstaanden                1.093,80 euro

Categorie 3: personen die
uitsluitend samenwonen met
een gezin ten laste                               1.478,22 euro

 

3.2. Vrijgestelde bestaansmiddelen in het kader van de socioprofessionele integratie

Wanneer een leefloongerechtigde begint te werken, zal met het oog op socioprofessionele integratie een beperkte cumulatie worden toegestaan van inkomsten met een leefloon:

                                               Basisbedrag                    Bedrag op 1 maart 2022

Algemeen                               177,76 euro/maand         269,43 euro/maand

Inkomsten uit                          2.133,12 euro/jaar           3.233,17 euro/jaar
artistieke activiteiten

Inkomsten uit                          177,76 euro/maand         269,43 euro/maand
arbeid zonder
studiebeurs

 

3.3. Gewaarborgd gemiddeld minimummaandinkomen

De bedragen van het gewaarborgd gemiddeld minimummaandinkomen hebben gevolgen voor het OCMW-personeel, aangeworven in het kader van artikel 60 § 7. De verloning van deze personeelsleden is niet onderworpen aan specifieke regels. OCMW’s dienen wel rekening te houden met het feit dat een artikel 60er niet minder mag verdienen dan het gewaarborgd gemiddeld minimummaandinkomen. Hierna zijn de grenzen opgenomen voor prestaties geleverd vanaf 1 maart 2022.

Werknemers van minstens 18 jaar oud                       1.725,21 euro

Werknemers van minstens 19 jaar oud
met minstens 6 maanden dienst                                  1.770,99 euro

Werknemers van minstens 20 jaar oud
met minstens 12 maanden dienst                                1.791,34 euro

 

3.4. Uitkeringen voor onderbreking van de loopbaan omwille van thematisch verlof

Werknemers kunnen naast het stelsel van tijdskrediet ook hun loopbaan tijdelijk onderbreken wegens bijzondere omstandigheden, namelijk:

- palliatief verlof voor het geven van bijstand aan een terminaal ongeneeslijk zieke persoon (mits medisch attest),

- verlof voor bijstand aan een gezinslid (samenwonende persoon) of familielid (bloedverwanten tot in de 2e graad of aanverwanten tot 1ste graad) dat lijdt aan een zware ziekte (mits medisch attest),

- ouderschapsverlof voor de geboorte van haar/zijn kind tot het kind 12 jaar wordt of voor de adoptie van een kind vanaf de inschrijving van het kind in het bevolkingsregister van de gemeente van zijn verblijfplaats, uiterlijk tot het kind 12 jaar wordt.

 

RVA-onderbrekingsuitkering per maand (bruto) (onderbreking voltijdse tewerkstelling)

Volledige onderbreking: basisbedrag                          903,77 euro

Verhoogd bedrag voor alleenwonende werknemer    1.521,44 euro

 

                                                                                    Minder dan 50          Vanaf 50
                                                                                    jaar                            jaar

Verminderd tot de helft: basisbedrag                          451,88 euro              609,19 euro

Verhoogd tot de helft: bedrag voor
alleenwonende werknemer                                        760,72  euro              760,72  euro

Vermindering met 1/5de: basisbedrag                       153,30  euro              229,95  euro

Vermindering met 1/5de: verhoogd bedrag
voor alleenwonende werknemer                                206,15  euro               304,27 euro

Vermindering met 1/10de: basisbedrag                       76,65  euro               114,97  euro

Vermindering met 1/10de: verhoogd bedrag
voor alleenwonende werknemer                                152,14  euro               152,14  euro

 

3.5. Uitkeringen in het kader van het Vlaams Zorgkrediet

Werknemers in lokale besturen kunnen onder bepaalde voorwaarden zorgkrediet opnemen voor maximum 18 maanden bij voltijdse onderbreking van de loopbaan, voor maximum 36 maanden bij halftijdse onderbreking van de loopbaan en voor maximum 90 maanden bij een vermindering van de prestaties met 1/5de.

Zorgkrediet wordt opgenomen voor één van volgende redenen:

  • Zorgen voor een kind tot en met 12 jaar
  • Zorgen voor een kind met een handicap
  • Zorgen voor een zwaar ziek gezins- of familielid tot de tweede graad
  • Verlenen van palliatieve zorg
  • Volgen van een erkende opleiding.

 

Uitkering per maand (bruto)

Volledige onderbreking: basisbedrag                                593,51 euro

Verminderd tot de helft:
alleenwonend / samenwonend                                          309,71 euro

Verhoogd tot de helft: alleenstaande ouder                       371,65 euro

Vermindering met 1/5de: basisbedrag                               147,53 euro

Vermindering met 1/5de: alleenstaande ouder                  225,24 euro

Nieuwsarchief