Met je cliënt in gesprek over middelengebruik, gokken en overmatig gamen. Hoe maak jij als professional het verschil?

Terug naar het overzicht
Datum: 12/07/2021
Auteur(s): Joyce Borremans (VAD)

Heel wat cliënten die hulp zoeken omwille van financiële, psychische of sociale problemen, hebben ook problemen met alcohol, illegale drugs, psychoactieve medicatie, gokken of gamen. De link tussen beide is een wisselwerking: wie financiële, psychische of sociale problemen heeft, kan sneller in de problemen komen met middelengebruik. Omgekeerd kunnen drank, drugs, medicatie, gokken en zelfs overmatig gamen tot financiële of psychosociale problemen leiden. Op een verantwoordelijke manier met alcohol en andere drugs leren omgaan, is vaak belangrijk in het herstelproces van een cliënt. Toch is het voor hulpverleners vaak een uitdaging om deze thema’s bespreekbaar te maken. Men is bang dat dit de begeleidingsrelatie belast. Of men voelt zich onvoldoende deskundig in de thematiek. Ook onduidelijkheid over welke rol men hierin opneemt, kan tot onwennigheid leiden. 

Middelengebruik, gamen en gokken kan van riskant gedrag naar een ernstigere problematiek evolueren. In een vroeg stadium heb je als hulpverlener een pak meer handelingsmogelijkheden. Inzetten op vroegdetectie en vroeginterventie op de eerste lijn heeft daarom veel potentieel. De impact van het gebruik, het gokken of het gamen op verschillende levensdomeinen is vaak nog beperkt en er zijn nog heel wat krachtbronnen aanwezig. Dus hoe vroeger je optreedt in dit proces, hoe groter de mogelijkheden voor herstel en hoe groter de kans om een verdere escalatie van problemen te voorkomen. Met een laagdrempelig gesprek kan je als eerstelijnswelzijn- of -gezondheidswerker een grote impact hebben.

Hoe ga je in gesprek met een cliënt over zijn middelgebruik, gamen of gokken?

Wanneer je als hulpverlener het gesprek over gebruik wil aangaan, duiken er mogelijks heel wat vragen op. Hoe maak ik het gebruik bespreekbaar? Hoe zorgwekkend is het? Wil de cliënt wel iets aan zijn gebruik veranderen? Hoe kan ik een verschil maken? Deze vragen klinken je misschien bekend in de oren.

Met de publicatie ‘Hoe motiveer je cliënten om aan de slag te gaan met hun middelengebruik, gamen of gokken? Een leidraad en inspiratiebox voor hulpverleners’ wil VAD tegemoet komen aan de vragen van hulpverleners in het welzijnswerk en de geestelijke gezondheidszorg. De leidraad reikt tips en tools aan om het gesprek aan te gaan. Je vindt er tal van gespreksmethodieken, zowel om het middelengebruik, gamen of gokken bespreekbaar te maken en in te schatten, als om motivatie te versterken en verandering te ondersteunen. Er bestaan verschillende varianten van de methodieken, zodat je de vrijheid hebt om de aanpak te kiezen die het best aansluit bij jouw cliënt en bij jouw manier van werken.

Vast staat dat je niet gespecialiseerd hoeft te zijn in deze thema’s om eraan te werken. Meer nog, je kan het op dezelfde manier als bij andere levensdomeinen aanpakken. De leidraad geeft je daarbij concrete tips en methodieken.

Een niet-veroordelende benadering, maakt dat de meeste cliënten niet afwijzend reageren op het aankaarten van deze thema’s. De houding waarmee je in gesprek gaat is dus belangrijk. Als je werkt vanuit een motiverende houding en gespreksstijl vergroot je de kans dat je cliënt open staat voor wat je aanbrengt. Deze gespreksstijl biedt een alternatief voor de neiging die we allemaal wel eens hebben: uit bezorgdheid over de veiligheid en het welzijn van de cliënt hem of haar proberen te overtuigen een andere keuze te maken. Deze ‘verbeterreflex’ heeft net zoals een simpele ontradende boodschap meestal een averechts effect.

Daarnaast heeft ook je kijk op middelengebruik en verslaving een impact op hoe je ermee omgaat en hoe je een cliënt benadert. Helaas is praten over deze thematiek nog vaak taboe (nog meer dan geestelijke gezondheid in het algemeen). Onderschat dus niet in welke mate stigma in de weg kan zitten in het zoeken of aanvaarden van hulp. Denk maar aan de foute opvatting dat een alcohol- of drugprobleem een eigen keuze - en bij uitbreiding dus je eigen schuld - zou zijn. Of dat het een teken is van een gebrek aan wilskracht. Zeker wanneer de betrokkene dat stigma voor waar gaat aannemen en als deel van de eigen persoonlijkheid gaat zien, is dat nefast voor het zelfbeeld en de motivatie tot verandering.

Hoe kan je naastbetrokkenen van iemand die gebruikt ondersteunen?

Voor zowat elke cliënt die met alcohol, illegale drugs, medicatie, gokken of gamen in de problemen komt, zijn er een veelvoud aan partners, ouders, kinderen of andere familieleden die daar mee onder lijden. Zij kunnen als naastbetrokken een belangrijke rol spelen. Ze kunnen impact hebben op het verloop van de problemen en waardevolle partners zijn in de hulpverlening. Tegelijk staat hun eigen welzijn onder druk, want de zorgen en stress kunnen hoog oplopen. Redenen genoeg om dus ook oog te hebben voor deze naastbetrokkenen.

Toch cijferen zij zichzelf vaak weg. Het taboe, het stigma en de schaamte omtrent alcohol- en andere drugproblemen vormen bovendien ook voor hen een extra drempel om er de buitenwereld bij te betrekken.

Als hulpverlener kan je hen de weg wijzen naar GRIP. Dit is een gratis én anonieme online zelfzorg tool voor ouders, partners of kinderen van mensen met een afhankelijkheidsprobleem (KOAP). Wat die laatste doelgroep betreft, is de tool gericht op kinderen die stilaan op een leeftijd komen waarbij ze merken dat door het probleem van hun ouder de situatie thuis anders is dan bij vriendjes of leeftijdsgenoten.

Elke GRIP-tool omvat een zestal oefeningen. De rode draad daarbij is het benadrukken van het belang van je eigen grenzen (zeker als er sprake zou zijn van geweld), het bevestigen van het geloof in eigen kunnen, het inzetten op veerkracht en het aanmoedigen tot voldoende zelfzorg. GRIP laat de bezoeker toe om te kiezen welke oefeningen voor hem het meest relevant zijn en ze in een volgorde naar eigen keuze af te werken. GRIP in één keer doorlopen, hoeft evenmin. Via een link die kan bewaard worden, kan men op een later moment weer inpikken. Dit maakt dat je cliënt er volledig zelfstandig mee aan de slag kan, maar biedt ook potentieel in een begeleidingscontext. Zo kan je als welzijnswerker met de naastbetrokkene in kwestie afspreken dat hij of zij die bepaalde oefeningen thuis doorloopt om die later samen te bespreken. Of je kan ook tijdens het gesprek met GRIP aan de slag gaan.

Wat kan jouw organisatie doen?

Blijf als individuele hulpverlener niet met je vragen zitten en zorg ervoor dat er op organisatieniveau nagedacht wordt over hoe jullie omgaan met cliënten die middelen gebruiken en hun directe omgeving. Dit kan uitgewerkt worden in een alcohol- en drugbeleid, een samenhangend geheel van afspraken. Centraal daarbij staan het werken aan een gedeelde visie en duidelijke rollen omtrent het opmerken, bespreekbaar maken, inschatten en begeleiden van deze cliënten. Zo’n beleid geeft ook duidelijkheid tot waar je als hulpverlener gaat en wanneer je doorverwijst naar de specifieke alcohol- en drughulpverlening.

Meer weten over de voordelen zo’n alcohol- en een drugbeleid? Neem twee minuten tijd en bekijk deze animatie.

Nog meer weten als professional?

Check www.vad.be voor methodieken, visieteksten, een vakbibliotheek, vormingsaanbod en doorverwijsgids. Je vindt er ook de contactgegevens van diensten die je kunnen ondersteunen bij het uitwerken van een alcohol- en drugbeleid en die je kan inschakelen om een vorming op maat te geven. 

Op zoek naar laagdrempelige info of een eerste aanspreekpunt voor je cliënten? 

De Druglijn is er voor alle vragen over drank, drugs, pillen, gokken en gamen. Voor wie informatie zoekt, bezorgd is om iemand, hulp nodig heeft of behoefte heeft aan een luisterend oor. Men kan met De Druglijn bellen, chatten of mailen. Steeds anoniem en zonder oordeel. Alle info vind je op www.druglijn.be.

 

 

Nieuwsarchief